Voor vragen bel: 06 36 12 81 38

Toen ik hem voor het eerst ontmoette, stond Robert al overal in Californie bekend als een wonderhealer die veel mensen van voor de drempel van de dood had teruggehaald. Hij was een dikke man met een onwrikbaar geloof in het leven en beantwoordde geduldig mijn eindeloze vragen. Ergens werden wij tot elkaar aangetrokken zonder dat wij wisten waarom.

Hij vertrouwde mij een keer toe dat hij graag anderen wilde leren hoe ze konden healen. We zaten in een rustige tuin van de Pergolesi, een geliefd café in Santa Cruz, Californië, waar de meest vooruitstrevende denkers hun ideeën met elkaar deelden onder het genot van eindeloze kopjes koffie.

“Healen van mensen betekent letterlijk ‘heel maken’!” legde hij eens uit: “Ik gebruik hiervoor mijn eigen levensenergie. Die hebben we allemaal. Zonder die zouden we namelijk allemaal sterven. Het gaat erom deze energie eerst in jezelf vrij te maken en daarna in anderen. Ik gebruik mijn energie om de energieblokkades in mensen los te maken”.

“Denk je dat je mensen zoals ik dit kunt leren?” vroeg ik, lachend om mijn onzekerheid te verbergen. Hij knikte en ik slaakte theatraal een zucht van verlichting. “Gelukkig hoef ik niet eerst dood te gaan en naar de hemel zoals jij. Ik twijfel of Petrus me binnen zou laten!” Ik bewonderde deze dierbare, vriendelijke man van ganser harte. Aan de ene kant wilde ik alles leren wat hij mij ook kon bijbrengen. Aan de andere kant aarzelde ik. Zijn ervaring was zo anders dan de mijne dat hij mij voortdurend dwong om alles dat ik dacht te weten herhaaldelijk opnieuw te bekijken.

Ik had toen nog geen flauw vermoeden dat Roberts droom om anderen te leren healen betrekking op mij zou hebben en dat Edward, een gezamenlijke vriend, de kloof tussen ons zou overbruggen.

De gelegenheid om samen te werken kwam plotseling, toen ik door een Universiteit werd uitgenodigd om een cursus, die gebaseerd was op de vele verschillende psychotherapieën die ik in mijn doctoraal scriptie had besproken, te geven.

Voor een universiteit in het eind van de jaren ‘70 was een programma dat alternatieve en reguliere therapieën combineerde nog ongebruikelijker dan nu. Ik besloot Robert en Edward te vragen mij te helpen. Edward zou de lessen van Robert voor studenten (en mij!) vanuit een wetenschappelijk standpunt verhelderen.

Mijn leven stond op het punt drastisch te veranderen.

De volgende dag, na mijn ochtendjog op het strand, ging ik snel richting Pergolesi om te kijken of ik mijn twee vrienden daar zou vinden. Onverwachts kwam ik onderweg Edward al tegen.

“Wil je een kop koffie van mij?” vroeg ik, terwijl ik naast hem ging lopen.

Op Edward was ik voor de eerste maal attent gemaakt met de woorden: Als je je aura wilt laten fotograferen, dan moet je bij hem zijn. Ik had toen hartelijk gelachen maar ontdekte later dat Edward een bekende auteur was met een doctorsgraad in Psychotronica die elektronische apparatuur gebruikte om de verschillende schakeringen van de menselijke psyche te meten. Edward, Robert en ik werden onafscheidelijke vrienden.

Edward was een kleurrijke figuur. Hij was een van de weinige mensen die ik kende, wiens omvang die van Robert evenaarde. Maar terwijl Robert een normale lengte had, was Edward een reus. Met zijn fluwelen broek, slobberig overhemd, en dichte, lange, zwarte krullen die in de wind wapperden, lette niemand die dag op mij, terwijl ik er ook niet bepaald conventioneel uit zag met mijn tennisschoenen, lange, blote benen en mini short die ietsje onder een reusachtige sweater uitstaken. Alle ogen waren op Edward gericht die als een enorme teddybeer boven alles uitstak.

Toen we bij de Pergolesi aan kwamen was Robert bezig een muffin te verorberen.

Haastig bestelde ik een rondje koffie, deed toen enigszins buiten adem mijn voorstel en vatte het samen: “De cursus moet een jaar duren. We zouden een serie weekend workshops voor onze studenten kunnen houden, die allemaal door de weeks in hulpverlenende beroepen werkzaam zijn en in hun vrije tijd af willen studeren. Ieder zou ook persoonlijke supervisie kunnen krijgen – een uur per week- om hen te helpen toe te passen in hun werk en dagelijkse leven wat wij ze leren. En ieder van hen zou alles wat wij ze leren door middel van hun beroep aan massa’s mensen kunnen doorgeven”.

‘Wat is eigenlijk ons doel?’ vroeg Edward, en nam een slokje koffie.

“Geluk”, zei ik verbaasd. Ik dacht even na. “Uitzoeken hoe je in het leven kunt staan zonder angst. Niet verschuilen achter muren die ons isoleren van wat het leven echt de moeite waard maakt.”

Ik keek hen beide aan.

“Kijk eens naar de persoon die jij geworden bent, Robert!” vervolgde ik met steeds meer enthousiasme. “Na je bijna-dood ervaring nam je jezelf voor om je nooit meer voor anderen af te sluiten. Elke dag voel je de pijn van mensen en dat helpt je om vast te stellen hoe je ze het beste kunt healen. Je ziet hoe de mensen hun pijn vaak op jou afreageren. En toch ben je nooit bang. Je kijkt recht in de zielen van mensen en laat ze in jouw ziel kijken. Op die manier wordt je nooit verrast en je voelt je altijd veilig’.

‘Ik zeg niet dat we aan iedereen die we op straat ontmoeten onze ziel moeten bloot leggen. Het gaat er om hoe we met onszelf omgaan. Sterkte, moed, empathie, zorg kunnen alleen bestaan als we de werkelijkheid eerlijk en met een open hart onder ogen zien’.

“De Penny Universiteit gaat beginnen”, zei een stem vanuit het café. “Het onderwerp is vandaag: ‘leven in de schaduw van de atoombom en natuurlijk: Wat kunnen wij eraan doen?”

Ik keek op en rook de geur van sterke koffie die uit de open deuren kwamen. Er ontstond een geschuif van stoelen en mensen die naar binnen gingen. Het was een mengelmoes van studenten van de universiteit, daklozen, straatmuziekanten die hun muziek op de Mall hiervoor even onderbraken en zelfs enkele professoren. De deelnemers kwamen van alle mogelijke achtergronden. En ze wilden allemaal vrede.

Noch Edward noch Robert, die normaal altijd van de partij waren, toonde enige belangstelling mee te doen.

“Door geluk kan de wereld blijven draaien!” zei Edward terwijl hij de menigte nakeek die binnen in het café verdween. ‘Denk eens welke invloed wij met zijn allen kunnen hebben: wij, onze studenten en hun cliënten terwijl we allemaal van elkaar leren.“

Nog verbaasd door mijn eigen keuze van doelstellingen, dacht ik erover hoe mijn houding ten opzichte van geluk met de jaren was veranderd. Nadat mijn echtgenoot was gestorven, was ik mij ervan bewust geworden dat in plaats van op anderen te rekenen om mij gelukkig te maken, ik de schijnwerper eens op mezelf zou moeten richten. Zodra ik mezelf inderdaad van moment tot moment – zonder me te verbergen voor de waarheid – begon te observeren, ontdekte ik dat sommige handelingen volkomen juist aanvoelden en ertoe leidden dat ik mij geheel voldaan en onbegrijpelijk gelukkig voelde, zelfs als het leven moeilijk was.

“Áls we voldaan en gelukkig zijn, gebeurt er iets vreemds”, zei ik: “ We hoeven ons dan niet meer op onszelf te richten. Ook hoeven we niet afhankelijk te zijn van anderen voor ons geluk.We zijn vrij en kunnen anderen het goede gunnen. Geluk is aanstekelijk. Stel je een wereld voor waarin iedereen wint naar zijn eigen gevoel. Bommen zijn dan niet meer nodig.

‘Geluk – een pracht doel!’ Edward grijnsde van oor tot oor. “We gaan ervoor!”

Enkele maanden later, werkten we in mijn appartement aan het strand aan de cursus, de twee mannen naast elkaar op de bank tegenover het raam met uitzicht op het witte zand. Elke bijeenkomst kreunde mijn slaapbank weer en zakte een paar centimeter verder door onder hun gezamenlijk gewicht totdat het reserve bed dat erin zat totaal naar de knoppen was. Mijn bank herstelde nooit, maar ik bloeide op. Hoe vermoeid en verkreukeld ik mij ook voelde als onze bijeenkomsten begonnen, aan het einde straalde ik helemaal en was vol energie. Nooit had ik me zo gewaardeerd gevoeld. Nooit was ik zo geboeid geweest als door wat mijn twee vrienden mij leerden. Toch waren er ogenblikken dat ik voelde dat mijn leven binnenste buiten werd gekeerd.

De grootste crisis begon onschuldig. toen Robert zei ‘Er zijn twee manieren om te kijken naar wat we aan het doen zijn’. Terwijl hij sprak lette hij aandachtig op mij. ‘We kunnen alle mensen als afzonderlijke wezens zien, elk met zijn persoonlijke ervaringen diep in zich opgesloten’. Op die manier zijn er miljarden ideeën over wat geluk is, die allemaal elkaar bestrijden en tot conflicten leiden, waardoor elke hoop op geluk verdwijnt.

“Maar ik zie de wereld anders. Voor mij is alles met elkaar verbonden en mensen zijn een integraal deel van het geheel. We worden ziek en ongelukkig als we bang worden en in plaats van die angst onder ogen te zien, proberen we het universum als geheel uit te sluiten’

Dat alles met alles verbonden is had ik zelf diepgaand beleefd, zoals ik in een vorig verhaal heb beschreven, maar ik had deze ervaring gedurende mijn studie in de psychologie weggedrukt omdat mijn professoren deze zienswijze als geheel onbewezen van de hand hadden gewezen. Ik had ervoor gekozen om zonder strijd zoveel mogelijk uit mijn psychologische studie te halen. Ik wilde ook nu geen gevecht aangaan met de wetenschappelijke gemeenschap door dit als uitgangspunt van onze cursus te gebruiken. Hoe dan ook, ik wilde geen onnodige strijd aangaan, en dacht dit gehele gebied stilzwijgend te kunnen omzeilen.

Maar Robert bleef heel rustig naar mij kijken, en ging onverstoord verder, “Als ik heal, open ik mij, energie stroomt in mijn lichaam; mijn handen werken intuïtief. Healen, of te wel helen, betekent voor mij dat ik een harmonisch deel word van het hele universum.

“Zo zo , sputterde ik geiïrriteerd. “Dus jij gaat aan de universiteit verkondigen dat jij een kanaal bent voor het Universum.” Ik voelde mij ernstig bedreigd. Hoe kon ik mij verantwoordelijk voelen als vertegenwoordigster van de universiteit als we verhalen ophingen die in de ogen van de wetenschappelijke gemeente volkomen kolder waren? Genezende energie was een ding, maar zulke theorieën verkondigen zou als grootheidswaanzin gezien worden! Ik twijfelde niet aan de integriteit van Robert, maar ik twijfelde wel aan zijn opvattingen van wat praktisch was.

Close Menu